eindtermen artistieke opvoeding secundair onderwijs

Wat zijn de eindtermen voor artistieke opvoeding in het secundair onderwijs?

Wat de rups het einde noemt, noemt de rest van de wereld een vlinder.

Lao Tse

Wat zijn de eindtermen voor artistieke opvoeding in het secundair onderwijs?

Eindtermen zijn beknopte omschrijvingen van de kennis, inzichten en vaardigheden waarover een leerling of student aan het eind van een opleiding minimaal zou moeten beschikken.

Hier vindt u een overzicht van de eindtermen voor artistieke opvoeding in het secundair onderwijs in de 1e graad ASO.

Muzikale opvoeding

Waarnemen

De leerlingen kunnen

  1. gericht luisteren en hun waarneming toetsen aan reeds verworven kennis, vroegere ervaringen of eigen fantasie.
  2. in gegeven muziekwerken de basiscomponenten ritme, melodie, muzikale vorm en klankkleur waarnemen en herkennen.
  3. in gegeven muziekwerken stemsoorten en instrumenten onderscheiden en vergelijken.
  4. een eenvoudige interactie tussen beeld en geluid in de media en mediakunst waarnemen en begrijpen.
  5. verschillende muziekgenres herkennen.

Zingen

De leerlingen kunnen

  1. een gevarieerd liedrepertoire van een tiental liederen in groepsverband onder leiding uitvoeren.

Spelen

De leerlingen kunnen

  1. enkele muziekinstrumenten speels onderzoeken.
  2. een gevarieerd aanbod van eenvoudige muziekwerken in groepsverband uitvoeren.
  3. onder leiding een eenvoudig, door henzelf bedacht muzikaal gegeven vocaal, instrumentaal of met beweging improviseren en streven hierbij naar originaliteit en authenticiteit.

Verwoorden

De leerlingen kunnen

  1. hun persoonlijke ervaringen met de eigenheid van de muzikale taal verwoorden uit: diverse muziekgenres; verschillende culturen.
  2. verwoorden dat hun muzikale beleving beïnvloed wordt door stemming, voorkeur of vooroordeel.
  3. enkele muziekstromingen geografisch situeren.
  4. voorbeelden geven van functies van muziek in de maatschappij.
  5. over het actuele muziekgebeuren vertellen.

Attitudes

De leerlingen

  1. leren zich kritisch opstellen ten opzichte van eigen werk en dat van anderen en om kritische bedenkingen ten aanzien van hun creatieve uitingen te aanvaarden en te verwerken.
  2. leren diverse culturele informatiebronnen uit hun omgeving te raadplegen.
  3. leren bij het collectief musiceren hun solidariteit tonen om de eigen inbreng af te stemmen op de kwaliteit van het geheel.
  4. leren zich expressief uiten.

Plastische Opvoeding

Waarnemen

De leerlingen kunnen

  1. gericht kijken en hun kijkervaring toetsen aan reeds verworven kennis, vroegere ervaringen of eigen fantasie.
  2. de functies van aangeboden beeldtaal waarnemen en vergelijken.
  3. verschillende beeldaspecten identificeren.
  4. een eenvoudige interactie tussen beeld en geluid in de media en mediakunst waarnemen en begrijpen.

Vormgeven

De leerlingen kunnen

  1. onder begeleiding verschillende methoden en technieken functioneel gebruiken.
  2. hun gedachten en ideeën door middel van een schets vastleggen.
  3. onder begeleiding kleuren op expressieve, impressieve en symbolische wijze toepassen.
  4. onder begeleiding vormsoorten, vormrelaties, vormvariaties, vormconcepten en vormfuncties zowel twee- als driedimensioneel toepassen in hun eigen beeldend werk.
  5. onder begeleiding tot een expressieve weergave komen waarbij de beeldaspecten, de techniek en de materialen op een verantwoorde wijze in hun persoonlijk werk worden geïntegreerd en streven hierbij naar originaliteit en authenticiteit.

Verwoorden

De leerlingen kunnen

  1. hun persoonlijke mening geven over diverse beeldende creaties uit verschillende culturen en belangstelling opbrengen voor beeldende creaties, zowel traditionele als nieuwe, met inbegrip van deze buiten hun eigen culturele leefwereld.
  2. verwoorden dat hun visuele beleving beïnvloed wordt door stemming, voorkeur of vooroordeel.
  3. de grote diversiteit van beeldcreaties aanwijzen en de doelgerichtheid en eventuele consumptiegerichtheid ervan verwoorden.
  4. vertellen over het actuele gebeuren in de beeldende kunst in de ruime zin.
  5. hun eigen beeldend werk naar inhoud en vorm toelichten.

Attitudes

De leerlingen

  1. leren zich kritisch opstellen ten opzichte van eigen werk en dat van anderen en om kritische bedenkingen ten aanzien van hun creatieve uitingen te aanvaarden en te verwerken.
  2. leren diverse culturele informatiebronnen uit hun omgeving te raadplegen.
  3. leren bij het groepswerk hun solidariteit tonen om de eigen inbreng af te stemmen op de kwaliteit van het geheel.
  4. leren zich expressief uiten.

Dans, theater en bewegingsexpressie?

Jammer genoeg vinden we in de eindtermen artistieke opvoeding in het secundair onderwijs geen enkele verwijzing naar dans, theater en/of bewegingsexpressie. Het beoefenen van deze artistieke activiteiten is echter van onschatbare waarde voor de ontwikkeling van jongeren.

Bij de eindtermen lichamelijke opvoeding vinden we volgende notie:

      Dans en expressie:
       De leerlingen kunnen

  1. eenvoudige bewegingen uitvoeren op een maatstructuur.
  2. verschillende basisbewegingen uit één dansvorm uitvoeren: volksdans of sociale dans of jazzdans.

Deze omschrijving schiet schromelijk tekort. De voordelen die dans en expressie bieden zijn veel omvangrijker.
Vanaf de 2e graad ASO zijn er geen eindtermen artistieke opvoeding. Hetzelfde geldt voor TSO en BSO.

Kijk eens naar onze workshops dans, theater en expressie in het secundair onderwijs, als u wel overtuigd bent van de meerwaarde!